zaterdag, november 15, 2008

Architect

Gisteravond zapte ik langs een interview dat Nivo Nihil hield met architect Cees Dam. Een van de twee namen achter de Stopera. Ik hou niet zo van Nivo, maar ik kon het toch niet laten om even te kijken naar het werk en de woorden van Cees Dam. Vooral zijn werkkamer in zijn appartement in Zuid Frankrijk sprak me aan. Een grote lichte ruimte waar de trap in het midden uitkwam, en overal hing kunst, stonden boeken en was zitgelegenheid. Af en toe kon je ook nog wat tekenen of schrijven, maar de ruimte was duidelijk ingericht op inspiratie.


Ook in zijn luxe villa in Nederland was alles duidelijk gericht op kunst en boeken. Overal wandjes vol spullen, kunst, boeken, kunstnijverheid en mooie meubelen. Mij iets te druk over het algemeen, maar je snapt dat deze man indrukken op moet zuigen als een spons. Er komt natuurlijk ook iets uit, maar dat is vrij sober en rustig als je het vergelijkt met zijn leef en werkomgeving.


Ik vind de Stopera mooi. Van buiten hou ik van de indrukwekkende witte gevelplaten tegen een terracotta gebouw, met mooie grote ramen en lichtjes die door de platen heen komen. De opbouw van terracotta is misschien iets te massief, maar het gebouw is ook nog een keer praktisch bedoeld natuurlijk. Vooral bij avond vind ik de stopera prachtig, en ook aan de binnenkant is het een heerlijk gebouw. Nergens benauwd, bijzonder functioneel en met een beetje luxe wat je er toe aanzet om goede kleding te dragen. Er zijn al zo weinig gelegenheden in Nederland die nopen tot het dragen van avondkleding: een goed concert of voorstelling in de Stopera vraagt dat wel, mede door het gebouw. Heerlijk vind ik dat.


Ik kijk graag naar programma's over architecten. Ik probeer de Teleac serie over architectuur ook te vinden online. Dat zal vast wel lukken, Teleac is goed in archiveren. En veel cursussen zijn terug te vinden op YouTube of de concurrentie. Pas onlangs is de interesse echt gewekt, maar ik kijk al mijn leven lang omhoog. Langs de Catharijnesingel in Utrecht bijvoorbeeld, waar erg mooie tableaus uit de Jugendstil nog te vinden zijn. Maar ook moderne bouwwerken kan ik bewonderen.

Misschien helpt het dat ik zo lang in Groningen gewoond heb. Daar valt veel moois te zien, maar daar word de burger ook heel actief betrokken bij de architectuur. Bij belangrijke gebouwen worden er prijsvragen uitgeschreven om te bepalen welk ontwerp de voorliefde heeft. Elk jaar is er een enquĂȘte over het mooiste nieuwe gebouw. En daar wordt massaal op gestemd.

Ook heeft de gemeente Groningen een fantastische afdeling Ruimtelijke Ordening. Ze hebben oog voor de lange termijn, passen nieuwbouw uitstekend aan op bestemmingsplannen en leggen wegen openbare ruimte aan die passen bij de functie van de wijk. Dat mis ik in de plaats waar we nu wonen. Het dijt aan alle kanten uit, maar een plan is daar niet bij. Een zwart gebouw van vier verdiepingen naast een straatje waar toch al geen zonlicht komt? Geen probleem. Een rotonde als ingang van een parkeergarage, waardoor het fietspad opeens verdwijnt? Moet kunnen. Een enorm gebouw naast een monumentaal provinciaal kneuterig pandje? Ach ja….

Het lijkt in alles op de bouw uit de jaren net na de oorlog. De aannemer zal het wel weten, en alles wordt overal maar neergezet. Over vijftig jaar gaan we dat natuurlijk wel herstellen, want niemand vindt dit prima. Maar daarvoor moet je wel een hele lange adem hebben. Mij iets te lang.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen

Laat hier uw bericht achter, maar hou het vrolijk.